‘Het bord ligt stil, de laatste zet is gespeeld’ heeft de familie van Henk Plantfeber op zijn rouwkaart gezet. Het illustreert de belangrijke plaats die schaken innam in het leven van Plant. Henk was bij De Pion en later bij EsPion een kleurrijk figuur. Anekdotes over hem zijn er meer dan varianten van het gesloten Siciliaans, ik laat ze hier ongenoemd. Maar zet een aantal van zijn clubgenoten bij elkaar, noem zijn naam, en de verhalen buitelen over elkaar heen.Het begon allemaal met schaken, maar meer en meer werd het spel op de 64 velden een ondergeschikt voertuig voor een andere fascinatie van Henk: die van het verhandelen van wat ik hier oneerbiedig prullaria noem, artikelen waar liefst batterijen en lampjes aan te pas kwamen, zoals laserpennen en sleutelhangers. Voor brillen van Elton John achtige allure was hij zelf graag het uithangbord.

Laten we teruggaan naar de vorige eeuw. Op 1 mei 1990, toen toch al 46 jaar en met een heel (schaak)leven achter zich waar wij geen weet van hadden, werd hij lid bij De Pion. Zijn geld verdiende hij toen nog voornamelijk als kelner op het Amstelstation. Amper vier jaar later vierde hij met ons groots zijn 50e verjaardag en trakteerde op taart. Een foto van dat gebeuren liet hij afdrukken op een witte sweater die hij tot een paar jaar geleden (!) nog trots droeg.
Henk verscheen begin negentiger jaren op de clubavond, ruim voordat Kasparov in 1997 door de schaakcomputer Deep Blue verslagen werd, met een fantastisch apparaat, dat piepend en krakend de opgegeven en door de machine zelf bedachte zetten uitvoerde. Wilde een paard van b1 naar c3 dan moesten de b en c pionnen eerst wijken naar de rand van hun speelveld om het paard door te laten, want fysiek springen was er niet bij. Natuurlijk heeft hij het apparaat ook te koop aangeboden, maar dat was waarschijnlijk pas later.
Ik had hem hier eerst als koffiehuisschaker willen neerzetten, maar bij nader inzien klopt dat niet. Dat genre schakers doet namelijk avontuurlijke- en vaak dubieuze zetten, waar Henk zijn partij steevast begon met kleine, wat laffe zetjes om je in te slaap te sussen, om als er zich dan een kans voordeed genadeloos toe te slaan. Rapid lag hem het best, voor een lange partij kon hij steeds moeilijker het geduld opbrengen.
Dat hij zijn rijbewijs kwijtraakte was een enorme tegenvaller. Maar Henk struinde – ook toen het lopen moeizamer werd – toernooien af, niet langer om het edele spel te beoefenen, maar met tassen vol koopwaar. Als hij goed verkocht had, hij somde graag de winsten voor je op, dan had hij een goed toernooi ‘gespeeld’. Het moeizame lopen werd schuifelen, je hoorde hem van verre al aankomen. We moesten in de speelzaal vaak ruimte voor hem maken, net zoals voor het eerder genoemde paard op b1.
Schaken was voor Henk het venster op de wereld. Hij deelt dat met zijn schaakvriend Hans Böhm, aanwezig op Henks 80e verjaardag, die onlangs vertelde hoe het schaken en alles daar omheen hem veel gebracht heeft, hem de wereld heeft laten zien. Het ditmaal zwarte shirt dat de club Henk bij dit jubileum cadeau deed werd ook weer een favoriet kledingstuk voor hem.
Ook toen hij in het verpleeghuis moest gaan wonen bleef hij trouw de clubavonden bezoeken. Om te schaken, zeker, maar ook voor ‘bijzaken’. “Hoeveel zakjes paprikachips heb je” vroeg hij aan de bar. “Elf? Doe ze maar allemaal.” Op die manier probeerde hij onder het strenge dieetregime uit te komen dat hem met klem was aangeraden. En hoe lastiger hij bewoog, hoe meer hij geneigd was anderen in beweging te zetten. Als een ware Godfather regelde Henk zijn zaakjes, schakelde mannetjes in die hem op de clubavond voor de komende week bevoorraden met wat hij nodig vond. Toen door de Alzheimer ook het zich sociaal voortbewegen steeds problematischer werd hebben we afscheid van Henk moeten nemen. Op maandag 23 maart doen we dat definitief.
Ik zou dit IM graag in stijl afsluiten met een Henkwaardige mop, waar hij zelf de clubavond vaak mee opende. ‘Vind je hem niet leuk’ reageerde hij doorgaans wanneer ik er niet om lachen kon. Ik hoop maar dat hij dat om de volgende mop wel had gekund, want een dag niet gelachen is een dag niet geleefd vond Henk. Komt ie. Een schaakpaard wordt op de snelweg aangehouden voor een alcoholcontrole. Zegt de agent: ‘laat maar eens zien of je over deze rechte lijn lopen kan.’
Ach ja lieve mensen, rechtlijnigheid…
Henk Enserink


Prachtig IM, Henk Ens. Wat die mop betreft: dat is de beste die ik nooit van Henk Plant gehoord heb. Maar ik mocht hem graag.