Categorie archieven: Berichten

Mislukkingen

Op de rustdag las ik in de trein een boek van Stine Jensen, een filosofische verhandeling over faalmoed. Ik ben nog niet verder gekomen dan het inleidende hoofdstuk, maar daar zijn dingen over te delen die ook voor een schaker waardevol kunnen zijn.

Een wetenschapper heeft bedacht dat als tegenwicht tegen onze prestatiemaatschappij het een goed idee is om je mislukkingen publiekelijk te maken. Hij stelde een cv op van zijn grootste mislukkingen, banen die hij misliep, prijzen die aan zijn neus voorbijgingen, huwelijken die door zijn toedoen spaak liepen, dromen die hij om zeep geholpen had, tranen die hij had doen vloeien. Wonderlijk genoeg oogstte hij met dit cv veel lof, meer dan met zijn hele wetenschappelijke carrière. Door op te schrijven wat een kluns hij is werd hij door iedereen plotseling massaal omarmd. Het zij hem gegund, maar als verschijnsel begint de zaak precies daar voor mij toch te wringen. Het was op een onverwachte manier ook confronterend voor mij, maar hoe precies wist ik niet meteen.

Maar naar buiten starend, waar in een flauw zonnetje de Gelderse landschappen voorbijgleden zag ik plotseling, weerkaatst door de uiterst smerige ramen mezelf zitten, zag ik hoe ik hetzelfde deed als die wetenschapper en zag ik mezelf opeens niet meer zitten.

Want met mislukkingen lof oogsten, eigenlijk is dat waar iemand die dagelijks een blog schrijft over zijn ervaringen als underdog ook op uit is. Hoe wanhopiger de pogingen, hoe meer sympathie. Ik exploiteer met mijn schrijfsels de wanhoop. Dat staat me niet fraai, het is zelfs ronduit laf.

Om die reden heb ik besloten om in de laatste drie ronden een andere gedaante aan te nemen, namelijk die van de faalmoedige. Ik ga de moed vinden om hoog van de toren mijn tegenstanders omver te blazen. Mijn winst woensdag op de koploper geeft daar alle aanleiding toe. Mijn Blog zal voortaan als titel hebben: resultaten van een moedige man. Ik zet vanaf ronde zes in op de hoon, heb genoeg van alle omarmingen. Tot morgen!

Ens

1672

Belevenissen van een underdog

Wat is het verschil tussen een loser en een underdog? Ik haal nog een keer Wikipedia van stal: een underdog kan doorgaans op sympathie rekenen.

Drie dagen lang was ik een loser. Maar vandaag kon ik bij voorbaat op sympathie rekenen, ik speelde tegen de koploper met zwart, ook dat dat nog, en de overige groepsleden zien graag dat die koploper wat afgesnoept wordt. Aan mij de eer.

Lastige pot, de tegenstander dreigde met een paard binnen te komen op e6, gesteund door een pion op d5. Dat zou winnend moeten zijn. Ik zag wel vage aanvalskansen, precies op het moment dat Chris Alberti, Peter de Heer en Johan de Lange met zorgelijke blik mijn stelling monsterden. Dat zou me minstens een kwaliteit kosten, want ik had een Toren op f8 en een Dame op d8.

Kwaliteitsverlies was me nog niet genoeg, ik overwoog zelf een kwaliteit er bovenop te offeren, zeker voor het oog van het Pion-publiek, waartegenover ik een reputatie heb hoog te houden. Maar na ruim een half uur denken veranderde ik toch van plan en speelde het uiterst rustige Df6. Tot mijn verbazing speelde de tegenstander vervolgens zijn paard niet naar e6, maar hij sloeg mijn gevaarlijke loper er mee af.

Het is waarschijnlijk niet meer te volgen, maar in het  Blad dat in februari uitkomt zal ik mijn overmoed met een diagram illustreren. Een klein tussenzetje, overzien door mijn tegenstander, maakte dat ik opeens goed kwam te staan, zelfs een kwaliteit voorkwam, waarna de stelling rustig naar winst gevoerd kon worden.

Wel jammer dat ik nu van de laatste plaats af ben, er waren immers vijf ronden voor nodig geweest om daar te komen. Morgen rustdag, daarna zijn er nog ruime kansen op drie nullen, waarmee de laatste plaats veilig gesteld kan worden. Moet lukken, want met 1672 zijn we intussen bij het rampjaar uit onze vaderlandse geschiedenis aanbeland.

Ens

1647 (3)

Belevenissen van een underdog

Het goede nieuws is dat ik vandaag eindelijk weer eens gewonnen heb gestaan, het slechte laat zich raden. Het werd een zeer bijzondere middag.

Ik speelde tegen een naamgenoot. Maar zijn ouders hadden er beter aan gedaan hem Pietje te noemen, want oh oh oh, wat was deze man precies. Het begon meteen al bij het rechtzetten van de stukken: Henk nam ook de mijne voor zijn rekening. Ook in de partij zat hij geregeld aan mijn stukken om ze nog centraler op de velden te plaatsen. Dat gebeurde zo vaak dat ik Henk lichtelijk geïrriteerd voorstelde dat hij mijn zetten ook maar ter hand zou nemen.

Het was bedoeld als een geintje, maar pietje precies vond het een goede optie. Dus vroegen we toestemming aan scheidrechter Bert, die even daarvoor in het zonnetje gezet was met zijn 88 jaar. Bert was nog in feeststemming, dus welwillend. En zo voerde Henk vanaf toen alle zetten op het bord uit, een beetje zoals het gaat wanneer je met een blinde schaakt. Nee, niet inkoppen deze voorzet svp.

Of het daardoor kwam weet ik niet, maar mijn stelling knapte er zienderogen van op, zodanig dat ik gewonnen kwam te staan met Henk ook nog eens in hoge tijdnood. Want voor zijn dubbel aantal uit te voeren zetten had Bert extra tijd namelijk niet nodig gevonden.

Pietje precies kreunde als hij zelf mindere zetten deed, maar het moet gezegd, toen hij vlak voor de tijdcontrole met een enkele zet mijn stelling aan gort sloeg, deed hem dat zichtbaar pijn. Bijna verontschuldigend voerde hij hem uit. Het pleit voor deze Henk.

We analyseerden nog wat in de Moriaan, een vriend van hem kwam erbij zitten. Ik kreeg van Henk complimenten over mijn soms verrassende keuzes. We dronken een biertje.

‘Is dat niet iets voor jou Henk? Wij organiseren met een groep vrienden elk jaar in oktober/november een schaaktoernooi in Portugal.’ Ik was aangenaam verrast, maar aarzelde. ‘Manuel Bosboom komt ook.’ Ik was om.

Zo liep een mooie schaakmiddag ten einde. Morgen ronde zes al weer.

Ens

1647 (2)

Belevenissen van een underdog

Bijna ben ik op de ranglijst aanbeland op de plek waar een underdog thuishoort: de laatste.

Na twee remises volgden er twee kansloze nullen. Twee aansluitende eentjes zouden een mooi symmetrisch beeld opleveren. Maar ja…

Gisteren trapte ik weer eens in de val mijn eigen stelling veel te positief in te schatten. In de analyse achteraf, waarin ik mijn laatste zet terugnam en me dan nog aanvalskansen toe-dichtte, was mijn tegenstander meedogenloos: ‘zwart staat gewoon beter.’ Beetje kort door de bocht vond ik, maar Stockfish gaf hem volkomen gelijk.

Met Chris Rensink, oud Pionlid en spelend in de strandtent, had ik afgesproken om te gaan eten bij Sonnevanck. We hadden elkaar lang niet gesproken. ‘Hoe is het?’ probeerde Chris het gesprek naturel te openen. Maar dat bleef nog even gesloten. Ik bleek er niet aan toe om te vertellen hoe ik geniet van intervisies en trainingen die ik nog steeds geef, om iets te zeg-gen over hoe we jonge schakertjes bij EsPion aan het opleiden zijn, of over hoe ik onlangs op tafeltennissen ben gegaan en daar twee weken geleden eindelijk mijn favoriete maar on-deugdelijke penhouders greep heb opgegeven.

‘Even down Coolen Chris’ zei ik. De nederlaag zat me duidelijk meer dwars dan ik zelf wist. Misschien moet ik ook maar eens gaan onderzoeken of mijn favoriete aanvallende maar wel-licht ondeugdelijke manier om naar het schaakspel te kijken op de helling moet.

Ens

1647 (1)

Belevenissen van een underdog

Niet alle dagen feest. Tegen een jonge gast stond ik na twee domme zetten in de opening na tien minuten al dik verloren. Toch vond ik het uur daarop steeds weer een ‘verdediging’. Preciezer gezegd: ik slaagde erin iets te vinden wat materiaalverlies wist te voorkomen, maar positioneel was en bleef het bagger. Maar toen even later ook mijn stukken iets actiever werden begon ik toch weer hoop te krijgen. Een gevaarlijk moment. De concentratie mag even verslappen. Nog even het paard van g5 wegjagen en ik kan gaan bouwen…

Niet dus. Boem, onverwachte inslag op c3, overbelasting van de dame en meteen 1-0.

Ik heb er vrede mee, ook in de analyse zag mijn tegenstander tienmaal meer en ook nog eens drie keer sneller de combinaties dan ik het deed. Hij heeft me teruggeduwd in de positie waar ik in deze groep hoor, die van underdog. Maar wat is dat eigenlijk, een underdog?

‘De term komt van origine van een hond die begin 19e eeuw in Engeland gebruikt werd in bakkerijen. De hond bevond zich in een wielrad dat verbonden was aan een blaasbalg die het vuur aanwakkerde. Omdat de ovens van de bakkerijen zich voornamelijk ondergronds bevonden, werd deze hond een ‘underdog’ genoemd. Naarmate de technieken in de bakkerijen zich verbeterden, werden deze honden overbodig en werd het ras niet meer gefokt. Het ras stierf dan ook in de loop der tijd uit. De term underdog kreeg sindsdien andere betekenissen.’

Aldus Wikipedia, waar wel achtergrond wordt gegeven maar nauwelijks duiding. Een beetje zoals ik met dit Blog doe. Morgen vol goede moed verder.

Ens

1647

Belevenissen van een underdog

En weer is het cijfer boven dit Blog veranderd, omdat er ook vandaag een resultaat behaald werd: remise tegen een 78-jarige.

Het was een leuke partij, waarin mijn tegenstander voortdurend dreigingen had over de lange witte diagonaal. Na afloop was ik tevreden, ja zelfs een beetje trots, met hoe ik het er na drie en een half uur toch zonder kleerscheuren afgebracht had. Maar thuisgekomen liet Stockfish me na de boerenkool meedogenloos zien hoe ik opgeknoopt had moeten worden. In het Blad zal ik laten zien hoe.

Die ontluistering achteraf na de computeranalyse gold ook voor de partij van gisteren waarin mijn tegenstander in volkomen gewonnen positie overging tot herhaling van zetten. Het is een opluchting te merken dat er ook in groep 4 veel niet gezien wordt. Ik voel me er thuis.

Mocht ik morgen weer een halfje halen dan is het beter om te gaan schrijven over ‘Belevenissen van een dappere remiseschuiver’. A demain!

Ens

1635

Ervaringen van een underdog

Harrie Boom promoveerde ooit, net als ik, naar groep 4. ‘Doe het daar maar beter dan ik’, raadde hij me aan. Zijn score toen: negen nullen, de variant dus waarin ik na afloop op 1622 zou staan.

Maar zie, het getal boven dit blogje is veranderd. Dat betekent dat er een resultaat behaald is. Mijn tegenstander was een Fransoos van 44 met een Italiaanse achternaam -Gattuso-.

Hij opende scherp, met enige moeite wist ik de zaak te neutraliseren en zelfs licht voordeel te behalen.

De tegenstander liep soms rood aan van de spanning en zijn tijd tikte weg. Ik won twee pionnen, maar toen ik dat voordeel met passief spel wilde behouden wist hij een stelling te fabriceren waarbij ingaan op eeuwig schaak mijn enige optie was.

In Het Blad krijgen jullie een diagram voorgeschoteld waarin je mag proberen of met actiever spel wel een vol punt te scoren geweest was. Ik ben tevreden, al gaat Stockfish daar in een later stadium wellicht nog aan morrelen.

Ens

1622

Van een underdog

Mij wordt de laatste tijd door clubgenoten verweten dat het avontuurlijke er af is, dat ik een voorzichtige schaker ben geworden die voornamelijk fanatiek bezig is met ratingpunten verzamelen dan wel met krampachtig te voorkomen ze te verliezen.

Dat van die ratingpuntenobsessie is waar. Ik heb nu al uitgerekend wat ik aan punten inlever wanneer ik al mijn partijen in de tienkamp verlies. Boven elk verslag zal daarom een getal staan.

We starten met mijn huidige fictieve rating van 1687 verminderd met 65 punten verlies na negen nullen, wat neerkomt op 1622. In groep 4a ben ik, na de promotie van vorig jaar, de risee. Gemiddeld hebben mijn tegenstanders zo’n 140 punten meer, dus verlies komt me niet erg duur te staan. Hen overigens wel.

Het prettige is dat ik tijdens het toernooi alleen maar winnen kan, 1622 is de absolute ondergrens. De absolute bovengrens van 1847 is niet haalbaar, het streven is om weer boven de 1700 te komen.

Of het avontuurlijke er af is mag u straks zelf beoordelen aan de hand van de diagrammen die begin februari in Het Blad zullen verschijnen. Op de website zijn voornamelijk sfeerverslagen te lezen.

Het is vrijdag 19 januari 12.10, het gaat beginnen!

Ens

Team Spirit: soms beter even niet..

Analyseren doe ik niet, openingskennis heb ik niet, ambities heb ik zo u zult begrijpen dan ook niet. Het ronddobberen in dezelfde vijver met schakers geeft me dan ook geen enkel ongenoegen. Wel hou ik van puzzelen, onmogelijke zaken toch voor elkaar krijgen en het liefst winnen van een betere tegenstander hoewel pat tegen een hoger gekwalificeerde speler ook extra zoet smaken kan. Maar een ding staat daarbij vast, je moet er wel de energie voor hebben.

En het gebrek daar aan is een prima passend excuus voor het verlies tegen Victor Bartman. Victor heeft natuurlijk prima zetten gedaan en hield die vol totdat ik de vlag streek.

Ik had niet moeten komen. Verkouden, griep, zo’n brrrr bah gevoel. Maar captain Frank had al zo’n taak gehad om twee vervangers te vinden. Jos Hillebrand en Hans Looman, de laatste sleepte een mooi half punt binnen. Maar als team verloren we van ENPS.

Dus afzeggen…. dan had Frank wellicht geen invaller meer kunnen vinden… en dat had dan achteraf ook weer niets uitgemaakt. U merkt het, ik zoek op alle mogelijke manieren naar een excuus waarom ik deze partij heb verloren. Dat was er dus niet echt, waarbij ik ook de prestatie van mijn tegenstander die boven zichzelf qua rating lijkt te zijn uitgeschoten niet te kort wil doen.

De partij verliep langzaam en wellicht onorthodox maar gelijk op. Totdat ik een foute beslissing nam. En jawel, dat heb ik dus wel nagekeken op de computer, lees: ik heb geanalyseerd. Voor deze keer.

Maar wat als Wit 34. Kh2 had gespeeld …. juist dan was de gedachte 35. De8 opnieuw verschrikkelijk. Maar stel Wit had ‘inzicht’ en speelt het natuurlijke Tc1… dan is de partij voor Wit gewonnen! Nou vooruit, dan als in de partij: stel ik blunder niet en speel op zet 35. Tc1 wat dan? Dan blijkt die foute Koningszet Kh1 cruciaal ivm eeuwig schaak. 35.. Lc5 36.Txc5? 36. De1+ en Dh4+

Dit hele geweldig interessante verhaal heeft u te danken aan het feit dat ik nog steeds thuis ziek zit te wezen. Dan probeer je maar eens wat. Alle gezondheid gewenst u allen.

Wijnavond 2023

We waren een klein maar select gezelschap. We zaten aan aan twee lange rijen aan elkaar geschoven tafels. Aan het hoofd daarvan: het bord. Je kent dat wel, van mooie oude oorlogsfilms. De verzamelde mannen worden gebriefd over hun missie, de squadronleider wijst op het bord de doelen aan.

Squadronleider Ric valt direct met de deur in huis: we zitten midden in een crisis. We hadden een regering. Die werd weggestuurd. Pek en veren. Even zo vrolijk kwam men weer terug. Van de weeromstuit stuurde men zichzelf weg. En opnieuw even zo vrolijk werd er weer… Hoewel politiek binnen de vereniging een gangbaar taboe is, drukten de zo ingrijpende verwikkelingen/veranderingen/aanpassingen van de grote wereld onuitwisbaar hun stempel op onze kleine schaakwereld, althans, voor deze ene avond.

Crisis op het bord. Probeer dan maar eens een fatsoenlijk potje te spelen. Koningshuizen werden gegijzeld. Paarden sloegen op hol en mochten twee keer achter elkaar steigeren. Bisschoppen grepen de macht en bewandelden de velden als vorstinnen. Torens werden vanwege achterstallig onderhoud zodanig gestut dat ze louter als doelloos monument fungeerden. En dat in wisselende combinaties verdeeld over drie potjes.

En altoos waren daar de rondgebrachte schotels met worst, worst, worst en kaas. En bubbels. En voor ieder een fles toe. Wijnavond 2023. De traditioneel mesjokkene en zo plezierige afsluiting van het schaakjaar. Aangevuld met de beste wensen voor plezierige feestdagen en een goed nieuwjaar.

Bart Karstens wint Kees Besselink 1.c4 toernooi 2023

De editie 2023 van het Kees Besselinktoernooi werd gewonnen door Bart Karstens.
Ratingfavoriet Dimitri Reinderman werd tweede. Jack Blanchard en Laurens Schilstra deelden de derde en vierde prijs.
In de B-groep was Emilien Hallibert de soevereine winnaar. Tweeede werd de Pool Aleksander Wozniak en derde Imre Uitermark.
Een verslag en alle uitslagen zijn HIER te bekijken.
Een verslag vanuit VAS-perspectief is HIER te zien.

Rob

Schakers, je hebt ze in alle soorten en maten. Het meest in het oog springende verschil is hoe de diverse types omgaan met winst of verlies. Bij winst: de een toont zich een grootmoedig trooster. De verliezer had toch ook echt wel kansen gehad! Toch heus wel mooie zetten gedaan, pech dat het geniale plannetje net mislukte, een heel goede stand had net zo goed tot een vol punt kunnen leiden, maar ja, soms zit het nou eenmaal tegen… Anderen glunderen bij winst van kruin tot kin en zelfs hun tenen jubelen. Ook bij verlies zie je verschillen: er zijn schakers die na een verloren partij lang aangeslagen blijven zitten. Starend naar het bord, alsof zich daar zojuist iets heeft ontvouwd dat eigenlijk niet zou hebben mogen gebeuren. Er zou een wet tegen moeten zijn, of op zijn minst zou een menigte troostende medemensen rond de gesneuvelde moeten ontstaan. Anderen vertrekken subiet, weer anderen sprinten naar de bar en zoeken daar troost uit een fles… Er schijnen zelfs mensen te zijn die een volle week nodig hebben om weer enige vorm van geestelijk evenwicht te bereiken.

En dan heb je nog Rob Ansink. Nee helaas, je had Rob Ansink. Want deze week bereikte ons het bericht dat Rob is overleden. Hij kon intens plezier hebben in een winstpartij en gunde tegelijkertijd al zijn tegenstanders ook deze vreugde.
Hij was lid sinds 1-1-1982. Ruim 42 jaar onze clubgenoot. Eentje die diepe indruk op me heeft gemaakt. Als ik (Tom) eraan denk wat ik ga missen nu hij er niet meer is, komen bij mij vooral zijn onstuitbare optimisme en positiviteit naar voren. Hoe ik ook in mijn geheugen speur: ik kan geen moment vinden dat Rob boos of onaardig was. Het enige dat zijn goede humeur leek te kunnen schaden was Ajax als ze daar weer eens iets verprutsten. Wat dat betreft zijn Robs laatste maanden niet zijn vrolijkste geworden.

Het onderspit delven in een schaakpartij ging hem goed af, maar het verlies van zijn vrouw Tinie, bijna dertig jaar geleden, was voor Rob een wond die nooit geheeld is. Wij (Rob en Henk) spraken daar wel eens over, buiten bij een sigaartje, omdat ik Rob zijn vrouw ooit ontmoet had in het Lucasziekenhuis.
Het zat Rob niet mee, op medisch gebied was er veel tegenslag. Met bewondering zag ik hoe hij zich desondanks al die jaren staande wist te houden, met een wonderlijke combinatie van gelatenheid, acceptatie en strijdlust.

Rob had duidelijke meningen op het gebied van maatschappij en politiek. Zo vriendelijk als hij was in de omgang met zijn clubgenoten, zo snoeihard kon hij oordelen over falende beleidsmakers. De schaakclub was een ijkpunt in zijn week, een ontmoeting op de vierenzestig velden waar hij naar uit zag, een plek waar hij zich op kon laden. De Corona periode viel hem daarom extra zwaar. Misschien ook omdat hij op het schaakbord nog steeds goed uit de voeten kon, wat in schril contrast stond met de moeite die hij doen moest om van de taxi naar het clubgebouw te komen.

Als schaker was Rob vooral een aanvaller. Altijd voorwaarts. Soms tegen de klippen op. En als het dan eens uit de hand liep kon je er toch op rekenen dat hij (ook op de rand van de afgrond) ergens vandaan nog een stevige verrassing voor je in petto had. Potverdorie wat jammer dat hij er niet meer is.

Tom en Henk

Zelfportret maar dan anders

Net terug van Lijstenmakerij Van Beek. Is nog een duur grapje zo’n 70×120 cm poster.
Maar deze kans laat ik niet voorbij gaan ‘once in a lifetime’: Robert voert de ranglijst aan! En omdat ‘Robert neemt de leiding en staat die vervolgens niet meer af’ een niet erg realistische verwachting is sla ik nu maar munt uit deze historische stand.


De poster eindigt precies onder de naam van de wedstrijdleider die zichzelf wat steun toedicht bij mijn succes. Ach hij heeft geen ongelijk maar gezegd moet worden dat spelen tegen een nieuwkomer ook slecht kan uitvallen, of je vrijwillig neerleggen bij een driekamp. Voor deze activiteiten ben ik ook altijd te porren en niet weinig pakt dat dan slecht uit. Nu dus dit schitterend affiche. De geschiedenis zal niet liegen. Wel even wat verantwoording van mijn zijde, bescheiden als ik ben.

De eerste ronde trof ik Casper, in gewonnen stand -waarom geeft die Schalekamp niet gewoon op- zag hij een kleinigheid over het hoofd op weg naar de finale. Pat.

Ronde twee bracht naar mijn beste weten een nieuwkomer als tegenstander. Hoewel ik de vorige ronde met Zwart speelde achtte de wedstrijdleider het beter Chadid de Witte stukken te gunnen.  Mijn vijfde zet bezorgde hem een blinde vlek, hij verloor pardoes een stuk. De partij werd daarna nog heel spannend maar dit gelukje betaalde uiteindelijk uit.

Dan de derde partij, ook weer curieus. Tegen Raf, nu wel met Wit. Ook even attentie voor alle andere spelers: de klok gaf keurig ‘bonus’ aan maar bij controle achteraf bleek die nul (0) seconden te bedragen…tsja. En dan te weten dat nu juist op die grond Raf in tijdnood verloor terwijl hij zoals hij later had uitgezocht op verschillende manieren had kunnen winnen.

En dan afgelopen maandag. De regen getrotseerd, geholpen met opzetten tafels en klaarzetten materiaal, een nieuw lid ontmoet -ze werd door Hans keurig door de avond geloodst- en dan tenslotte de indeling die avond bezien. Benjamin Rin. De staande schaker zo werd me hier en daar verteld. Schijnt niet te mogen dat staan. Is dat werkelijk zo? En als je nou zeg maar tijdelijk zitvlak problemen hebt? Enfin, zo ver is het niet gekomen want hij is niet op komen dagen.

Ben toch maar gebleven, spannende partijen gezien, ook een hele korte van 7 zetten mat, en de Speeltuinkas gespekt. Dat laatste stond ik mezelf ruim toe want ik wist welk affiche mij te wachten stond.

Hoewel ik het mezelf beslist niet acht wordt wel gezegd dat geluk is met de domme. Laat ik daar dan voor deze keer maar voor tekenen.

Een gezellige seizoens kick-off

Op maandag 25 september organiseerde EsPion een avond in het kader van schaak-off. Het werd een gezellige avond waarbij er in de zes vierkampen volop strijd werd geleverd. Een foto-impressie:

Vanaf maandag 2 oktober gaan we van start met de Najaarscompetitie. Er is dan elke week een partij met een speeltempo van 90 minuten per persoon plus 15 seconden per zet. Aanmelden kan elke week tot 18u via intern@espion.nl of tot 19.50 in de zaal aan de tafel bij de wedstrijdleider. Heb je de afspraak gemaakt dat je er elke week bent? Vergeet dan niet je tijdig af te melden als je een keertje niet komt.

Voor de volledigheid de uitslagen van EsPion’s Seizoens kick-off:
Vierkamp A
#NaamScore
1.Constantijn3
2.Tim2
3.Pieter P.1
4.Willem6
Vierkamp B
#NaamScore
1.Ric1,5
1.Mart1,5
1.Leon1,5
1.Ad1,5
Vierkamp C
#NaamScore
1.Rob v. S.2
2.Frans2
3.Jacques1
4.Alfred1
Vierkamp D
#NaamScore
1.Henk P.3
2.Max2
3.Robert1
4.Ad0
Vierkamp E
#NaamScore
1.Mick2,5
2.Peter S.2
3.Jan1
4.Casper B.0,5
Vierkamp F
#NaamScore
1.Jos K.3
2.Jos H.2
3.Hans1
4.Rob A.0

Brugse Meesters #7: Waaivuil

De Belgen gebruiken soms woorden die voor ons wat kinderlijk klinken, zoals b.v. waaivuil. Wat dat is? Het stond geschreven op een vuilniswagen die in het drukke centrum van Brugge enorme hoeveelheden papier en karton ophaalt. De tekst is een aansporing om het spul goed bijeengebonden aan te bieden. Waaivuil is iets dat onnodig is schrijft de gemeente.Wij veren op, Roland en ik zijn de afgelopen week meesters geworden in ‘onnodig’ en zijn in voor alle tips. Uit het niets halve of hele punten weggeven, het ging ons veel te gemakkelijk af.

Ook buiten de schaakscene deden we domme dingen, zoals onnodig met een volle blaas de lange, lange weg naar huis lopen. Het bos bood uitkomst. Ook onnodig was mijn angst dat mijn laptop het begeven had, omdat er alleen nog vaag te onderscheiden beelden op het scherm verschenen. Ik was bang dat vocht en vuil van de camping zich hadden ingevreten. Verkeerde analyse. Tegen de zon inkijkend op de camping had ik blijkbaar de helderheidknopjes beroerd. Een paar tikjes op f2, van het toetsenbord wel te verstaan, en alles werkte weer.

Waar de helderheid het ook af liet weten liet was in de speelzaal en niet alleen bij mij. Donderdag was dit de slotstelling waarin mijn tegenstander, in lichte tijdnood, remise aanbood.

Onnodig lijkt me. Waarom bracht hij zijn machtige centrum niet in beweging? Ik vroeg hem voor de zekerheid zijn remise bod te noteren op het formulier en dacht voor de vorm nog acht minuten na.

Op de laatste dag speelde ik tegen een Nederlander die haast had, een trein wilde halen of zoiets. Hij offerde een stuk, na lang nadenken nam ik het aan en even later offerde ik even vrolijk een stuk terug wat hij even zo vrolijk langdurig weigerde. Gekke pot.

Hoe ik later de partij weggaf door hier de verklootzet Pf6 te spelen, daar is het o woord zeker op van toepassing. Als ik f6 speel is de waardering -6, na Pf6 duikel ik direct naar +4.

Nog iets onnodigs, de opschudding die we hebben doen ontstaan over de West-Vlaming. Minstens tien keer zijn we langs de gezondheidswinkel gelopen die de stelling onderbouwt dat deze bevolkingsgroep te veel masturbeert. Bij de 11e keer worden wij door Hester, die een dagje ons gezelschap houdt, er op gewezen de er niet masturbeert maar musterbeert staat. Wat dat dan weer is? Niet zo moeilijk eigenlijk. Het is dat je te veel moet van jezelf, dat je te jezelf veel druk oplegt. Hier bekennen we schuld, zijn wij niet allen West Vlamingen?

Eerlijk gezegd viel ons de opschudding wat tegen, een fraaie quote van Pelleboer mocht genoteerd worden, met een tekst waarin hij het onderwerp subtiel aan ons als schakers koppelt. schaken is jezelf met de hand een plezier doen. Mijn vrouw Erna deed ook een duit in het zakje en wees me op het motto dat prominent te lezen is op onze website, afkomstig uit de koker van Jaap de Kreek: schaken dat het ’n lust is. ‘Wat zou zo’n aantijging je dan nog kunnen schelen’ zegt ze. Het is ons trouwens duidelijk dat om onduidelijke redenen niemand de test gemaakt heeft, anders waren wij wel eerder gecorrigeerd.

Het lachen op de volgende foto is ook volkomen onnodig, het verging ons snel.


Onnodig, maar wel leuk, die foto als aandenken aan een mooi schaak/kampeer avontuur. We hebben vrienden gemaakt, zoals de Egyptenaar die ons toezegde dat iedereen die het codewoord kent volgend jaar bij de Brugse meesters een gratis salade bij hem op kan halen bij restaurant Roopoorte, Vlamingstraat 36 in Brugge. Vrienden zoals de schilderes die langsliep toen in de avond een gaslamp schaduwen over onze gezichten en de schaakstukken liet vallen die haar welgevallig waren. Zoals de Nepalees Anish, waar Roland dagelijks onze blikjes cola zero kocht. En zelf ben ik onverwacht vrienden geworden met Wim Kayzer, u weet wel die man van de mooie diepte interviews drie decennia geleden bij de VPRO. Ja, ook de man van dat lapje voor zijn linker oog. Terwijl Roland de jazzplaten en -cd’s besnuffelde stuitte ik op een vuistdikke roman van Kayzer: de waarnemer. Na amper drie minuten bladeren had ik al vier zinnen gelezen waar ik aan bleef haken, zoals de volgende: ‘de man achter de tap was aardig, maar ook niet meer dan dat.’

Zo hebben we culturen, zuilen en afstanden overbrugd, 14 duizend stappen per dag gedaan maar helaas ook een paar stappen terug op de Fide en KNSB ratinglijst. De neerwaartse curve is onontkoombaar. ‘Als we tijd van leven hebben halen we de grens van1400 Elo’ probeer ik de kwestie tegendraads te benaderen. ‘Niet te snel dalen dan maar’ reageert Roland. Ik ben inmiddels thuis. Nog een koffietje en dan duik ik onder de wol om al onze avonturen te laten bezinken. Het was ons een genoegen ze met jullie te delen.

Ens

Naschrift 1: De codewoorden voor de gratis salades worden verstrekt aan iedereen die ons komend seizoen in de interne competitie helpt om zo traag mogelijk richting de 1400 te bewegen.

Naschrift 2: Gisteren werd duidelijk dat verklootfase bij Nederlandse atleten zich aandient kort voor de finish, waardoor Hassan en Bol ons in dramatische wendingen ruim naar de kroon steken. Wij daarentegen zijn de betere lopers, wij vallen niet.

Brugse meesters #6: sol y sombra

Woensdag, een dag die voor ons verrassend zou verlopen, begon in een kledingwinkel, hier vlak bij de camping. Ik had weinig aspiraties op dit gebied, maar Roland was toe aan een nieuwe korte broek. Hij scoorde een hagelwit overhemd en ik zowaar die korte broek.

We liepen voor de zoveelste keer over de hinderlijk schuin aflopende trottoirs van de eindeloze N9 naar de speelzaal. De zon scheen al fel. ‘Zullen we aan de overkant in de schaduw gaan lopen’ stelde ik voor. ‘Ken jij dat liedje van de sunny site of the street?’ Ik kende het vaag en wachtte op de uiteenzetting die komen zou.‘ In Amerika wordt de sunny site niet gezien als de meest aanlokkelijke kant van de straat.’ Ik dacht na over hoe omgevingsgevoelig woorden zijn. ‘Wanneer zal de beschrijving dat ze een zonnig karakter heeft niet langer als een aanbeveling klinken’ dacht ik hardop. Waarop Roland vroeg of ik wist wat een regenwaterhoofd was. Zo associatief gaan vaak onze gesprekken. Is het een wonder dat er weinig ruimte overblijft voor originele gedachten achter het schaakbord

Maar woensdag zou alles anders worden, ook al waren de voortekenen ongunstig. Het zwarte overhemd van Roland werd door ons aanvankelijk onopgemerkt besmeurd door vogelpoep, dus het nieuwe hemd kon meteen aan de bak. Henk had al dagenlang een te grote broek aangetrokken, maar arriveerde ditmaal in iets dat hem gegoten zat.

We hadden beiden contactuele, leuke tegenstanders, ook nog nadat we ze verslagen hadden. Allessandro hamerde er in de analyse voortdurend op dat wat ik deed niet goed was, dat de theorie iets anders voorschreef en dat hij overwegend stond door de grotere activiteit van zijn stukken. Ik keek hem geamuseerd aan. ‘Je hebt het niet kunnen bewijzen’, zei ik. Hij kon het gelukkig hebben. Een toernooi kan niet zonder goede verliezers.

Roland keek toe bij onze analyse, hij was al een uur klaar. We moesten de bespiegelingen met de Italiaan afbreken omdat we met Hester en een vriendin van de familie om 19.30 uur bij een restaurantje hadden afgesproken.

Daar zaten we aan kleine ronde tafeltjes aan een boomloze straat, pal naast een gelegenheid die sol y sombra heette. Mijn explicateur vertelde dat als je in Spanje naar het stierenvechten gaat dat de vraag van de kaartjesverkoper steevast is: sol y sombra? Wilt u zon of schaduw? Het gepeupel wordt verbannen naar de goedkope plaatsen in de zon, de elite hult zich in schaduw. Weer datzelfde thema, de dag was rond voor mij. Het werd nog een genoeglijk etentje met z’n vieren. De nasmaak van de overwinningen zal daar vast ook aan bijgedragen hebben.

Met de winst van woensdag zijn we weer een beetje onder de mensen. We hebben zelf gekeken of er nog kans is op ratingprijzen. Vandaag proberen die hoop levend te houden.

Ens

Brugse Meesters #5: Woordzoeker

De trend zet door. Dinsdag scoorden Roland en ik uit 3 partijen slechts 1 schamel punt, Brugse prutsers dat we zijn. We verloren van (bijna)1600 spelers, wat Johan deed opmerken dat het toch wel rust geven moest dat Henk niet voor de groep tot 1800 gekozen had. Onze extern wedstrijdleider weet hoe je iemand een hart onder de riem steken moet.

In mijn ochtendpartij ging het al snel mis, was ik blijkbaar nog niet goed wakker. Laat ik het daar maar op houden.

In bovenstaande stelling speelde ik in plaats van iets zinnigs met de aangevallen loper te doen onnadenkend d6. Het leverde me een dubbelpion en een slechte stelling op. Mijn eerste gedachte was dat het verklootmoment vandaag wel erg vroeg in de partij kwam. Maar die gedachte verwierp ik snel. Je kunt iets pas verkloten als je het daarvoor goed gedaan hebt. Daar was absoluut geen sprake van geweest. Het is leuk om nieuwe woorden te leren Henk, maar je moet ze natuurlijk wel correct gebruiken.

Ik leer deze week veel nieuwe woorden, Roland reikt ze me met regelmaat aan. Epateren, ik kende het woord niet. Als de lezer zelf ook wijzer worden wil kan de betekenis opgezocht worden. Als ik opmerk dat onze Italiaanse buurman enorm ordelijk zijn tentgebeuren organiseert zegt Roland: hij is meticuleus. Als we het woord opzoeken blijken er minsten twintig synoniemen nodig om in de buurt te komen van een betekenis. Een belabberd woord dus, je kan er alle kanten mee op. Je kan het evengoed een rijk woord noemen, omdat het zich moeilijk vangen laat. Kwestie van smaak, hier op de camping verschillen ze. Terug naar de partij. Mijn tweede gedachte na de blunder was een even arrogante als domme: nou is die 1600 speler wel mooi uit zijn theorie. Hij had daar aanmerkelijk minder last van dan ik, won een pion en na vier uur de partij. Wel een leuke partij en dito tegenstander. Ik kon er mee leven.

Roland speelde in de middag tegen een bleek, klein ogend jongetje dat nauwelijks naar zijn bord keek. Hij had de stelling blijkbaar scherp genoeg in zijn hoofd om varianten te berekenen. Roland werd verrast in zijn favoriete opening, het London system, wat een prestatie op zich is. Toch bereikte Roland een eindspel met ongelijke lopers, dus een halfje lag voor het oprapen. Op wat hij toen deed was verkloten wel van toepassing, hij verloor ‘kinderlijk’. Wat kan je doen om zoiets te verwerken? Een half uur glazig voor je uitstaren over je Blonden Os heen is een passend begin. Daarna moet je kiezen. Je denk aan eerdere (onverdiende) successen die je geboekt hebt of je denkt aan groter wereldleed. En dan hopen maar dat de slaap weer komen wil. Of als dat niet lukt kan je de volgende dag epaterend de bas bespelen. (zie foto)

Zelf had ik een uur voor dit debacle mijn tweede punt laten bijschrijven. Tegen een oudere Belg die vroeger veel beter geweest moet zijn als ik het afmeet aan sommige zetten die hij deed. Ik dronk, om de tijd te doden en Roland niet te veel op de vingers te kijken, een pilsje bij de bar in gezelschap van de fameuze Kevin de Bruyne (zie foto) en was maar juist op tijd terug in de speelzaal om het einde van de partij mee te maken. Het jongetje oogde verbaasd toen Roland sportief opgaf.

Het houdt allemaal niet over voor ons dit toernooi. Of de stemming eronder lijdt? Daar moeten we nog een passend woord voor vinden. Bij de uitgang van de speelzaal stond zowaar onze Egyptenaar. Hij stopte ons met een knipoog twee salades toe. Hulp komt soms uit een onverwachte hoek. Het gaf mij de kracht om eindelijk eens een potje voor ons te koken op de camping.

Ens

Brugse Meesters #4: De Verklootfase

Maandag gingen Roland en ik beiden onderuit. Zelf speelde ik tegen Astrid Barbier, die zo moedig was om mijn e4 te beantwoorden met e5 en dus niet haar gebruikelijke Siciliaan op het bord te brengen. Misschien was het ook wel arrogant, dacht ze:’ laat ik tegen zo’n 1700 speler eens een nieuwe opening uitproberen.’ Over de eerste vijf zetten deed ze ruim drie kwartier. Niet bepaald goed. Want ruim drie uur later stond de volgende stelling op het bord, met wit aan zet:

Ik dacht hier comfortabel te staan. Toen ik na vier uur toch moest capituleren ondertekende ik teleurgesteld en verhit het wedstrijdformulier. Met Roland, die iets eerder van een nors dikkig jongetje verloren had dronk ik een biertje om af te koelen. Uit mijn ooghoek zag ik dat Astrid tien meter verderop met haar trainer – ze is Fidemeester en behoort tot de Belgische top tien – onze partij aan het naspelen was. We gingen erbij staan, werden getolereerd maar meer ook niet. Van hun analyse leerde ik dat winst sowieso niet in het geding was voor mij. Dat hielp, ik had niet een heel punt maar een half punt te grabbel gegooid.

Maar de grote winst van het luisteren naar hun analyse was een woord dat de zuiderburen ons aanreikten. ‘Nu begint de verklootfase’ nam de trainer Astrid mee in zijn gedachtegang. De verklootfase, uiterst vervelend om daarin te geraken maar geweldig om daar een woord voor te hebben. Ergens een goed woord voor hebben, het helpt mij altijd enorm. Ik ga het hopelijk niet te vaak gebruiken, maar toch. ‘Effe niet tegen me te praten, ik zit midden in een verklootfase.’ Het woord bekt ook lekker.

Veel zin om zoals beloofd op de camping te gaan koken had ik niet. Roland had daar begrip voor dus gingen we op zoek naar een leuk restaurantje. Maar ja, maandagavond, veel was er gesloten. En om weer bij de Egyptenaar naar binnen te gaan die enthousiast op Roland afliep? Nee, geen zin in salade vandaag. Contouren van een niet zo’n prettige fase van ons eetgebeuren doemden op. Maar veertienduizend stappen na het vertrek die ochtend was er gelukkig toch nog een eettent open: een take-away waar je ook zitten kon, op nauwelijks tien minuten lopen van onze camping. Het smaakte ons prima, alleen verklootte ik door spaghetti bolognaise te morsen mijn favoriete korte broek. Gelukkig had ik daar nu woorden voor. Dinsdag is weer een dubbelrondige voor mij, Roland neemt de ochtend vrij.

Wordt vervolgd.

Ens

Brugse Meesters #3: Inleiding op een antwoord

Diagrammen beloofd, hier komen ze. Er waren drie partijen om uit te kiezen. Terwijl Roland op de camping het huishouden deed drukte om 10.00u Peter Degrieck (1411) mijn klok in. Net als zaterdag een kloof van 300 punten om te overbruggen, maar ditmaal in mijn voordeel. Mijn broer uit Nieuwvliet kwam kijken precies toen deze stelling op het bord kwam.

Zwart heeft zojuist Tc5 gespeeld. Het leek me leuk mijn broer iets moois voor te schotelen, ik besloot de Dame in te laten staan en speelde brutaal Txd6. Leuk, ook al ziet Stockfish veel betere zetten. Na enig nadenken reageerde zwart met Dc7. Nog een keer probeerde ik mijn broer de stuipen op het lijf te jagen met het Dame offer Df6!. Maar zowel hij als mijn tegenstander zagen dat nemen niet kon wegens spoedig mat. Complimenten voor beiden.

Dan Roland, die speelde met zwart tegen een 1900 man. Had het lastig, stond achter in tijd en in waardering (+5). Maar de kansen keerden. Beide spelers kwamen in vliegende tijdnood en in onderstaande stelling bood Roland in deze stelling remise aan.

Zijn tegenstander dacht nog 30 seconden na en accepteerde hoofdschuddend. De sacherijn droop ervan af, hij liet Roland alleen de stukken opruimen en er kwam geen woord meer over zijn lippen, het minzame knikje kwam uit zijn tenen. Heel ongebruikelijk.

Op de camping deed Stockfish zijn zegje en vanaf dat moment is Roland er eigenlijk op tegen dat dit fragment aan de wereld getoond wordt. Want hij staat hier op + 5, dus gewonnen. Ik vraag hem wat hem deed besluiten om juist op dit punt een remiseaanbod te doen. Roland zucht, begint aan een antwoord, onderbreekt dan zichzelf en zegt: ‘dit is nog geen antwoord, het is een inleiding daar op.’ Alles speelt mee, de sterkte van de tegenstander, het schommelende verloop van de partij, de tijdnood en misschien ook de competitie tussen de twee EsPionezen. Ik denk dat Rolands tegenstander nu bij zijn maten zit op te scheppen dat hij er nog een remise uitgesleept hebt. ‘Hoe heb je hem zo ver gekregen dat hij remise aanbood?’ vragen zijn vrienden. ‘Ach ja, een speler van mijn statuur….’ En weer verschijnt dat minzame lachte op zijn gezicht. Hij lijkt me niet de man van uitgebreide antwoorden.

Voor de derde dag op rij zijn we uit eten gegaan, vandaag wordt het zelf koken. Morgen is het Mariahemelvaart en zijn alle winkels dicht dus heb ik ruim ingeslagen bij de Lidl. Is er nog wat smalltalk voor de niet schakende lezers van dit blog? Het gebruikelijke camping gedoe misschien, met Nederlandse jeugd die in de nacht onze rust verstoort. ‘’Jongens en meisjes, kan het een beetje zachter’ roept Roland vaderlijk. .‘Ja hoor dat kan.’ We hebben tien minuten rust, dan zitten ze alweer op hetzelfde kabaalniveau. We gunnen hun de onderlinge onschuldige gezelligheid, maar dan graag wel binnenin de dure camper van papa en mama waarmee ze op stap zijn. Dat werkt. Wel weer een smoes minder als onze resultaten gaan tegenvallen.

Vandaag wacht Roland een jongetje van 13 of 14 (1900) en Henk een Dame van 27 uit de Belgische top tien (ook 1900). Of wij echt een beetje kunnen schaken, na vandaag zal het antwoord daarop gegeven gaan worden. Of tenminste een inleiding daarop.

Ens